Een verteller ontdekt verontrustende documenten over een oud en onbegrijpelijk wezen, Cthulhu, waarvan het bestaan het menselijk begrip te boven gaat. Via getuigenissen en aanwijzingen komt een verontrustende waarheid naar voren: de mensheid is slechts een minuscuul deel van een universum dat wordt gedomineerd door oeroude krachten. Hoe verder hij gaat, hoe meer angst en waanzin hem overweldigen. Dit korte en intense verhaal schept een beklemmende sfeer waarin het onbekende een bron van horror wordt. De auteur ontwikkelt een angstaanjagende kosmische visie, gebaseerd op de nietigheid van de mens tegenover de oneindigheid.