Op een zomer, rond 1880, waakt Friedl, een jonge jager in dienst van de koning, over het wild in de Beierse bergen, bij het dorpje Fall aan de Isar. Hij jaagt op een stroper die gemzen en reeën doodt, en die te herkennen is aan de negen spijkers onder zijn schoenen. Friedl houdt van Modei, die de koeien hoedt in een hut op de alm en moeder is van een jongetje.
Maar de vader van het kind, Blasi, heeft ook negen spijkers onder zijn schoenen. Een roman over liefde en jacht, vol van het eenvoudige leven in de Beierse dorpen en op de almen.
Eenvoudig geschreven, met levendige scènes, leest de roman makkelijk in de taal die u leert.



















