Deze bundel brengt veertig sprookjes samen die door de gebroeders Grimm zijn verzameld: Sneeuwwitje en de toverspiegel van de koningin, Hans en Grietje die verdwalen in het bos, Roodkapje, Assepoester, en minder bekende verhalen zoals “Het blauwe licht”. U komt er heksen tegen, pratende dieren en slimme jonge helden.
Dit zijn de sprookjes die al twee eeuwen aan kinderen worden verteld, hier in de tekst van de laatste uitgave van de Grimms, die van 1857, vaak duisterder dan de versies die we kennen.
Kort en eenvoudig geschreven: u leest ze een voor een in de taal die u leert.



















