Chinees schrijver, grondlegger van de moderne literatuur in de omgangstaal, die eerst geneeskunde studeerde in Japan. Hij schreef „Dagboek van een gek”, „Het ware verhaal van Ah Q” en „Ochtendbloesems, in de avond geplukt”, gelezen om hun kritische blik op de Chinese samenleving.
Lu Xun, het pseudoniem van Zhou Shuren, werd in 1881 geboren in Shaoxing, in de provincie Zhejiang, in een geleerdenfamilie die aan lager wal was geraakt. In 1902 ging hij in Japan studeren en begon hij in Sendai aan een studie geneeskunde. Enkele jaren later gaf hij die op, overtuigd dat de geest van zijn landgenoten meer genezing nodig had dan hun lichaam, en wendde hij zich tot de literatuur.
Terug in China werkte hij op het ministerie van Onderwijs in Beijing. In 1918 publiceerde hij „Dagboek van een gek”, een van de eerste moderne verhalen in de spreektaal in plaats van het klassiek Chinees. Daarna volgden „Het ware verhaal van Ah Q” (1921–1922), de satire op een man die elke vernedering in een overwinning verandert, de bundels „Strijdkreet” (1923) en „Zwerven” (1926), en de herinneringen „Ochtendbloesems, in de avond geplukt” (1928).
Vanaf 1927 woonde hij in Shanghai, als gevreesd essayist en als vertaler, en daar stierf hij in 1936. Hij wordt beschouwd als de grondlegger van de moderne Chinese literatuur.