De wees Denise komt met haar twee jonge broertjes uit Normandië naar Parijs. Haar oom, een kleine lakenhandelaar, wordt geruïneerd door het grote warenhuis aan de overkant, Au Bonheur des Dames. Denise gaat er werken als verkoopster, bespot door de andere medewerksters, en trekt langzaam de aandacht van de baas, de ambitieuze Octave Mouret.
Enorme afdelingen, verblindende etalages, klanten die geld uitgeven zonder te tellen: Zola vertelt over het ontstaan van de grote warenhuizen, en het verhaal van een oprecht meisje dat zich niet laat kopen.
Met de vertaling altijd voor ogen leest dit meeslepende verhaal makkelijk in de taal die u leert.



















